Volvo Penta 1970

1970-1979

Het exportsucces zet door in het begin van de jaren '70, terwijl het exportaandeel stijgt tot maar liefst 84% in 1973. Er worden grote aantallen industriële motoren verkocht aan producenten van irrigatiesystemen. Volvo Penta neemt de buitenboordproductie over van Monark-Crescent, zodat nieuwe producten werden toegevoegd aan het programma. In 1973 komt de S-drive voor zeilboten op de markt en een jaar later wordt Volvo Penta Noord-Amerika opgericht. In 1976 wordt een fabriek gebouwd in Chesapeake (de VS) waar V8-benzinemotoren worden aangepast voor maritieme toepassingen.

1977 – “The Fence Engine”

Er werd motorgeschiedenis geschreven over een tuinhek (“fence”) heen in Långedrag in Göteborg. Lars Malmros van de Volvo Truck Corporation en Harald Wiklund van Volvo Penta waren buren. Zij vonden allebei dat in het gezamenlijke productprogramma een kleine zescilinder dieselmotor ontbrak. Samen besloten ze dit aan te pakken en zo ontstond het concept voor de '40-serie'-motor (ook wel de “fence engine” genoemd).

Er wordt een machinefabriek gebouwd in het Zweedse Vara. Bij de introductie in 1977 schrijft een enthousiaste journalist “dit is de eerste motor die de acceleratie en rustige werking van een benzinemotor combineert met de zuinigheid en betrouwbaarheid van diesel”.
Ga mee terug in de tijd en bekijk de presentatiefilm waarin de voordelen van de 40-seriemotor worden benadrukt.

Racen met buitenboordmotoren van Volvo Penta

In 1973 nam Volvo Penta de buitenboordproductie over van Monark-Crescent en aan het al omvangrijke assortiment van Volvo Penta-producten werden de U-22, Monark en Archimedes toegevoegd. In de jaren '70 worden de motoren getest in een aantal motorbootraces over de hele wereld. In deze film ziet u hoe ijshockeysuperster Leif “Honken” Holmqvist meedoet aan een 24-uursrace in Rouen.
Aan het einde van de jaren '70 wordt de concurrentie uit Japan echter zo krachtig dat de verkoop terugloopt en de productie van buitenboordmotoren wordt gestaakt.